Afvalscheiding op Scholen

Afvalscheiding op scholen en bij maatschappelijke organisaties is nog steeds geen gemeengoed. Het belang van afvalscheiding op scholen en maatschappelijk organisaties wordt breed gedragen, maar huidige financiële en wettelijke barrières belemmeren dit. De NVRD is van mening dat scholen en maatschappelijke organisaties hiervan niet de dupe mogen worden en ondersteunt het als scholen en maatschappelijk organisaties willen starten met afvalscheiding.

In dit dossier draagt de NVRD daarom handvatten, wensbeelden en overwegingen aan. Daarnaast geeft de NVRD ook aan waar belemmeringen en obstakels worden ervaren en waar het Kabinet de helpende hand kan reiken. Voor één van de wettelijke barrières voor gemeenten die besluiten aan de slag te willen met afvalscheiding op scholen is inmiddels in overleg met de Belastingdienst een oplossing gevonden. Onder het kopje Wet- en Regelgeving is hierover meer informatie te vinden. Tot slot bevat dit dossier een beschrijving van het amendement Schonis (Kamerstukken II, 2019-2020, 35 267, nr. 13), de motie Van Eijs/Von Martels (2020-2021, 30 175, nr. 366) en de Wakkere Wegwerpers campagne.

Door de financiële en wettelijke barrières is afvalscheiding op scholen door gemeenten en afvalbedrijven nog niet vanzelfsprekend.

Het effect is dat:

  • de behoefte c.q. wens van scholen en maatschappelijke organisatie om afval te scheiden vaak niet of onvoldoende tot uitvoering gebracht (kan) worden door gemeente en afvalbedrijven;
  • het afval op scholen en bij maatschappelijke organisatie niet of beperkt gescheiden wordt ingezameld;
  • de inzameling van afval op scholen en maatschappelijke organisaties niet in lijn is met wat kinderen thuis en/of op school wordt geleerd over afval. Het is niet uit te leggen dat kinderen gevraagd worden thuis hun afval te scheiden, maar exact hetzelfde afval bij het restafval te moeten doen wanneer zij op school of in de sportkantine zijn. Dit leidt tot onduidelijkheid en is slecht voor het draagvlak om afval te scheiden;
  • het uitblijven en/of onvoldoende scheiden van afval op scholen en maatschappelijke organisaties geen positieve bijdrage levert aan door de gemeenten en afvalbedrijven gewenste transitie naar een circulaire economie.

Een belangrijke barrière is inmiddels in overleg met de Belastingdienst weggenomen (meer hierover onder het kopje Wet- en Regelgeving). Dit maakt het voor gemeenten en afvalbedrijven gemakkelijker om tot afvalscheiding op scholen over te gaan.

Zie ook:

  • Leidraad Afvalscheiding op scholen: hoe regel ik dat als gemeente?
  • Manifest ‘Meer afvalscheiding bij scholen’

Standpunten

April 2020 presenteerde de NVRD het manifest ‘Meer afvalscheiding bij scholen’. In dit manifest staan onder andere onze ambities, barrières en uitgangspunten op het gebied van afvalscheiding bij basisscholen.

De NVRD is van mening dat scholen en maatschappelijke organisaties niet de dupe mogen worden van de huidige financiële en wettelijke barrières die er zijn ten aanzien van afvalscheiding op scholen en ondersteunt het als scholen en maatschappelijk organisaties willen starten met afvalscheiding.

Een efficiënte en effectieve scheiding van afval bij scholen en maatschappelijke organisaties kan volgens de NVRD worden vormgegeven langs de volgende uitgangspunten:

  • Kinderen ervaren geen onderscheid tussen afvalscheiding thuis én buitenshuis;
  • Educatie over afvalscheiding gaat vergezeld van afvalscheiding (leren én ervaren);
  • Afvalscheiding op scholen en maatschappelijke organisaties sluit aan bij het vigerend inzamelsysteem voor huishoudelijk afval en is niet alleen gericht op de ‘economisch waardevolle’ afvalstromen;
  • Het onderscheid dat in Nederland wordt gemaakt tussen huishoudelijk afval en vergelijkbaar bedrijfsafval moet afvalscheiding op scholen en maatschappelijke organisaties niet belemmeren;
  • De gescheiden inzameling van afval op scholen en maatschappelijke organisaties door publieke partijen leidt niet tot marktverstoring en niet tot hoge administratieve lasten;
  • De inzameling van bedrijfsafval op scholen en maatschappelijke organisaties wordt vormgegeven met inachtneming van de belangen van de ontdoeners (bijv. keuzevrijheid en betaalbaarheid);
  • Er wordt gestreefd naar gebiedsgerichte én doelgroepgerichte maatwerkoplossingen die ervoor zorgen dat de juiste inzamelaar op de juiste plek inzamelt en het aantal vervoersbewegingen wordt beperkt.

Voor meer informatie verwijzen wij u naar het Manifest ‘Meer afvalscheiding bij scholen’.

Wat doet de NVRD

  • De NVRD volgt de ontwikkelingen met betrekking tot afvalscheiding op scholen en maatschappelijke organisaties op de voet (denk bijv. aan het amendement Schonis (Kamerstukken II, 2019-2020, 35 267, nr. 13)) en informeert haar leden hierover.
  • De NVRD heeft een Leidraad opgesteld waarin leden worden geïnformeerd over de afwegingen en de stappen die doorlopen moeten worden voor een zorgvuldige besluitvorming bij het aanbieden van afvalscheiding op scholen en maatschappelijke organisaties.
  • De NVRD heeft een Manifest opgesteld waarin een handreiking aan scholen en maatschappelijke organisaties wordt gedaan, maar ook belemmeringen en obstakels worden gesignaleerd en aangegeven wordt waar het Kabinet de helpende hand kan reiken. Hiermee biedt de NVRD-gemeenten en publieke bedrijven een handelingsperspectief en wordt afvalscheiding op scholen en bij maatschappelijke organisaties per direct aangepakt (Zie het Manifest ‘Meer afvalscheiding bij scholen’).
  • Over het onderwerp afvalscheiding op scholen treedt de NVRD in gesprek met en/of brengt het onder de aandacht van de verschillende ministeries, private afvalsector en andere (markt)partijen. Zo heeft de NVRD – aan de hand van praktijkcasussen – met het Ministerie van Financiën en de Belastingdienst onderzocht hoe de Vpb wetgeving zich verhoudt tot gescheiden inzameling van afval op scholen door gemeenten of publieke afvalbedrijven. Het afval van scholen kwalificeert immers als bedrijfsafval en valt daarmee onder de Vpb wetgeving. Inmiddels is met de Belastingdienst gekomen tot een praktische oplossing over de uitwerking van de Vpb wetgeving voor gemeenten en publieke afvalbedrijven die afval van scholen gescheiden willen inzamelen. Meer informatie hierover treft u aan onder het kopje Wet- en Regelgeving.
  • De NVRD dient als vraagbaak voor haar leden over het onderwerp afvalscheiding op scholen en maatschappelijke organisaties. Voor vragen kunt u het e-mailadres post@nvrd.nl of telefoonnummer 088 377 00 00 gebruiken.

 

Inzameling van huishoudelijk afval is een wettelijke plicht voor gemeenten. Hierdoor is een fijnmazige inzamelstructuur opgezet. Gemeenten kunnen ervoor kiezen deze ook open te stellen voor de inzameling van vergelijkbaar bedrijfsafval, zoals bijvoorbeeld afval van scholen. Indien de gemeente aan de slag wil met gescheiden inzameling van bedrijfsafval en ervoor kiest deze inzameling te combineren met de inzamelroute voor huishoudelijk afval, krijgt ze echter te maken met verschillende rechtsgebieden (Wet Milieubeheer, Wet Markt en Overheid, Mededingingswet en Wet modernisering vennootschapsbelastingplicht overheidsondernemingen). Dit is complex, vergt een zorgvuldige besluitvorming van gemeenten en is voor gemeenten niet geheel zonder risico’s.

Om onze leden te ondersteunen hebben wij de Leidraad genaamd ‘Afvalscheiding op scholen: hoe regel ik dat als gemeente?’ opgesteld. In dit document wordt aangegeven welke stappen doorlopen moeten worden voor een zorgvuldige besluitvorming en welke afwegingen een gemeente moet maken.

Vastleggen en motiveren regulering bedrijfsafval

De eerste stap in de besluitvorming betreft het creëren c.q. reguleren van de bevoegdheid van de gemeente om bedrijfsafvalstoffen in te zamelen. De gemeente heeft op grond van de Wet milieubeheer immers slechts de zorgplicht voor de inzameling van huishoudelijk afval. Afval afkomstig van scholen is geen huishoudelijk afval, maar bedrijfsafval dat gelijk is aan huishoudelijk afval. Een positieve ontwikkeling ten aanzien van dit uitgangspunt is de recente wijziging van de Wet milieubeheer (zie ‘Amendement Schonis’ onder het tabblad ‘Actuele stand van zaken en ontwikkelingen’).

Voor de inzameling van bedrijfsafvalstoffen moet de gemeente een grondslag in de gemeentelijke Afvalstoffenverordening opnemen. Vervolgens moeten in een Uitvoeringsbesluit (bestanddelen van) bedrijfsafvalstoffen afkomstig van bepaalde ontdoeners (in dit geval scholen) worden aangewezen als “door de gemeente in te zamelen afvalstoffen” in het kader van het algemeen belang. Dit alles dient zorgvuldig te worden gemotiveerd.

Inzicht in inzamelde en opdrachtgevende partij

De tweede stap in de besluitvorming vloeit voort uit vraagstukken rondom het aanbestedingsrecht, het mededingsrecht (de Wet Markt en Overheid) en het belastingrecht (de Wet op de Vennootschapsbelasting 1969).

De inzameling van bedrijfsafval is een economische activiteit. De Wet Markt en overheid geeft juridische kaders voor overheden die economische activiteiten uitvoeren. Belangrijk hierbij zijn twee gedragsregels voor gemeente en gemeenschappelijke regelingen, namelijk:

  • Het gebod om de integrale kosten van de betreffende economische activiteiten aan de afnemers in rekening te brengen en;
  • Het verbod om overheidsbedrijven te bevoordelen.

Bij toepassing van die gedragsregels is het van wezenlijk belang wie de economische activiteit daadwerkelijk uitvoert, met andere woorden welke partij het bedrijfsafval inzamelt. Is dat de gemeente zelf, een overheidsbedrijf (BV/NV), een gemeenschappelijke regeling of een particuliere inzamelaar? Ook is van wezenlijk belang welke partij hiertoe de opdracht geeft. Is dat de school zelf of de gemeente?

In de Leidraad worden diverse varianten uitgewerkt, met mogelijke opties en consequenties. Kort gezegd geldt dat een keuze moet gemaakt worden om:

  1. de gedragsregels uit de Wet Markt en Overheid te volgen.

In dat geval moet bij de school een kostendekkend tarief gebracht worden voor de gescheiden inzameling van afval. In dat tarief zit een stukje rendement op het eigen vermogen. Er is daarmee sprake van een kleine marge en daarmee van winststreven in de zin van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (Wet Vpb). Omdat de Belastingdienst een structurele plus, hoe klein ook, beschouwt als een winststreven, ontstaat er een belastingplicht uit hoofde van de Wet Vpb.

Risico hierbij is dat de inzameling van scholen wordt geclusterd met de inzameling van huishoudelijk afval. Dat zou grote (administratieve) gevolgen hebben. Huishoudelijk afval valt op dit moment namelijk niet binnen het wettelijk kader van de Vpb. Een bijkomend aandachtspunt is dat de kostentoerekening aan de inzameling bij scholen heel lastig te bepalen is. Te meer omdat het grootste deel van de kosten al wordt gedekt uit de afvalstoffenheffing. Daardoor is er ook onzekerheid over de hoogte van de fiscale winst die betrekking heeft op de inzameling bij scholen en afgedragen zou moeten worden.

Met de Belastingdienst is gezocht naar een oplossing. De oplossing bestaat erin dat een percentage van 5% van het bedrag exclusief BTW dat bij de school in rekening wordt gebracht (de factuur die door de school aan de gemeente/ het publieke afvalbedrijf wordt betaald), tot de fiscale winst moet worden gerekend c.q. als nettowinstmarge in de aangifte moet worden verantwoord. Daarnaast bevestigt de Belastingdienst dat de inzameling bij scholen niet geclusterd wordt met de inzameling van huishoudelijk afval, zodat er geen risico is dat (ook) VpB-plicht ontstaat voor de inzameling van het huishoudelijk afval.

De 5%-afspraak is neergelegd in het addendum op de vaststellingsovereenkomsten die de leden van de NVRD met de Belastingdienst kunnen sluiten over de uitwerking van de vennootschapsbelasting voor afval gerelateerde activiteiten (het branchekader Vpb). Meer informatie hierover treft u aan onder het dossier Vennootschapsbelasting. De vaststellingsovereenkomsten en het addendum worden door de Belastingdienst aan de individuele partijen verstrekt. Via de binnen uw organisatie bekende contactpersoon van de Belastingdienst kunt u hierover contact opnemen met de Belastingdienst. Mocht deze persoon niet op de hoogte zijn van de gemaakte afspraken, dan kunt u hem verwijzen naar het dossier Afvalscheiding op scholen en het dossier Vennootschapsbelasting de site van de NVRD.

Partijen die geen vaststellingsovereenkomst en addendum hebben getekend maar waarop dezelfde feiten en omstandigheden van toepassing zijn als bij partijen die wel een vaststellingsovereenkomst en addendum hebben getekend, kunnen ook zonder vaststellingsovereenkomst en addendum handelen conform de 5%-afspraak.

Als de gemeente kan aantonen dat de inzameling bij scholen fiscaal structureel verlieslatend is, dan is geen sprake van VpB-plicht en geldt de afspraak niet c.q. behoeft deze niet te worden toegepast. Dat zou zich kunnen voordoen als een algemeen belang besluit is genomen (zie hierna onder punt 2) en er geen bedrag in rekening wordt gebracht aan scholen (of een evident niet-kostendekkend bedrag). De hele activiteit van inzameling bij scholen blijft daarmee buiten het wettelijk kader van de Wet Vpb.

De precieze uitwerking van voornoemde oplossing is in de Leidraad per organisatievorm (gemeente, gemeenschappelijke regeling, overheidsbedrijf (NV/BV) of particuliere inzamelaar uitgebreid beschreven.

  1. Een algemeen belang besluit te nemen

In het geval een algemeen belang besluit wordt genomen, gelden de gedragsregels uit de Wet Markt en Overheid niet. In dat geval kan bij de school een maatschappelijk tarief in rekening worden gebracht in plaats van een kostendekkend tarief. De inzameling bij scholen is dan fiscaal structureel verlieslatend, zodat er geen sprake is van een VpB-plicht.

Een algemeen belang besluit moet zorgvuldig onderbouwd worden. De punten die in die onderbouwing aan de orde moeten komen, worden opgesomd in de Leidraad.

De Leidraad kan gebruikt worden om na te gaan of een gemeente een en ander goed heeft geregeld of om een keuze te maken over de wijze waarop zij de inzameling wil inrichten. 

Vergoedingen

De inzameling en recycling van kunststofverpakkingen kent een producentenverantwoordelijkheid. Gemeenten ontvangen een vergoeding van het Afvalfonds Verpakkingen voor de inzameling en desgewenst voor sortering en afzet van verpakkingsafval uit huishoudens. De inzameling van vergelijkbaar verpakkingsafval van KWD-bedrijven wordt echter nog niet vergoed door het verpakkende bedrijfsleven. Voor verpakkingsafval van scholen en maatschappelijke organisaties is een tijdelijke uitzondering gemaakt indien dit gebeurt in het kader van het project Schoon Belonen uit het Gemeenteprogramma zwerfafval. Deze barrière zal in de nabije toekomst verdwijnen. Met de inwerkingtreding van het Besluit regeling uitgebreide producentenverantwoordelijkheid wordt de producent verantwoordelijk voor een passend innamesysteem van verpakkingen waarbij geen onderscheid wordt gemaakt tussen huishoudelijk- en bedrijfsafval.

 

 

 

 

 

Manifest ‘Meer afvalscheiding bij scholen’

In april 2020 presenteerde de NVRD het manifest ‘Meer afvalscheiding bij scholen’. In dit manifest staan onder andere onze ambities, barrières en uitgangspunten op het gebied van afvalscheiding bij basisscholen.

De gemeenten en hun publieke inzamelbedrijven wensen de afvalscheiding bij scholen vorm te geven binnen de vigerende wettelijke kaders met inachtneming van gevestigde belangen. Dit betekent dat in eerste instantie de huidige inzamelaar van de school of maatschappelijke organisatie de mogelijkheid wordt geboden de gescheiden afvalinzameling vorm te geven. Indien dit niet mogelijk blijkt te zijn wordt gezocht naar alternatieven, waarbij kan worden gedacht aan aansluiting bij de inzamelstructuur voor huishoudelijk afval of aan een combinatie van publieke- en private inzameling. 

Het manifest en de invulling van de gescheiden inzameling bij scholen en maatschappelijke organisaties wordt na drie jaar geëvalueerd. 

Voor meer informatie verwijzen wij u naar het Manifest ‘Meer afvalscheiding bij scholen’.

 

Leidraad ‘Afvalscheiding op scholen: hoe regel ik dat als gemeente?’
Om de leden van de NVRD te ondersteunen bij de besluitvorming ten aanzien van gescheiden afvalinzameling op scholen heeft de NVRD een Leidraad opgesteld. In de Leidraad wordt onder andere op aangegeven welke stappen doorlopen moeten worden voor een zorgvuldige besluitvorming. Tevens geven wij voor verschillende varianten (bijv. gemeente zamelt met een eigen dienst in, een overheidsbedrijf zamelt in) inzicht in enkele vraagstukken met betrekking tot verschillende rechtsgebieden (Wet Markt en Overheid, Wet milieubeheer, Mededingingswet en Wet op de vennootschapsbelasting).

Amendement Schonis
Maatschappelijke organisaties, zoals scholen en kerken, kunnen voor een substantieel deel afval hebben dat in aard en samenstelling vergelijkbaar is met huishoudelijk afval. Denk bijvoorbeeld aan het pakje drinken dat een leerling van huis naar school meeneemt voor het overblijven. Echter, in de huidige situatie wordt dat afval aangemerkt als bedrijfsafval en moeten de regels voor bedrijfsafval worden nageleefd. Door het amendement Schonis kunnen (non-profit) organisaties, wanneer zij dat willen, afval - dat in aard en samenstelling vergelijkbaar is met huishoudelijk afval - scheiden en als zodanig laten inzamelen (aangenomen op 1 april 2020, Kamerstukken II, 2019-2020, 35 267, nr. 13).Het amendement is reeds verwerkt in de Wet milieubeheer (zie artikel 10.21). Hierdoor is nu in de Wet milieubeheer de mogelijkheid gecreëerd van een grondslag voor gemeenten waarmee per algemene maatregel van bestuur aan gemeenten de mogelijkheid kan worden gegeven om afval in te zamelen dat naar aard en samenstelling vergelijkbaar is met huishoudelijk afval als ware het huishoudelijk afval. Wanneer de algemene maatregel van bestuur volgt is onduidelijk. Gemeenten kunnen dus nog geen gebruik maken van het gewijzigde artikel 10.21 Wet milieubeheer.  
Minister Van Veldhoven heeft in haar appreciatie op het amendement aangegeven dat het daadwerkelijk interveniëren door de overheid een stevige onderbouwing vergt en dat de gevolgen voor alle betrokkenen zorgvuldig zullen moeten worden afgewogen. Zij heeft aangegeven dit nader te onderzoeken en de Tweede Kamer over de wenselijkheid en de uitkomsten te informeren (Kamerbrief 31-3-2020).

Wakkere Wegwerpers campagne
De Wakkere Wegwerpers campagne is een initiatief van de Merijn Tinga (de Plastic Soup Surfer). In de zomer van 2020 maakte hij een lange suptocht door Nederland om bij scholieren, de stakeholders en de politiek aandacht te vragen voor afvalscheiding op scholen. Hij deed een aantal scholen aan en sprak met veel stakeholders. Aan het einde van de tour is een manifest opgesteld waarin werd gepleit voor minder afval, afval scheiden, hergebruik en voor bewustwording in klas. Het manifest “Wakker Wegwerpers Waarden” is door verschillende stakeholders, waaronder de NVRD, ondertekend. Voor meer informatie zie www.wakkerewegwerpers.nl

Motie Van Eijs/Van Martels 
Kamerleden Van Eijs (D66) en Von Martels (CDA) hebben (mede) naar aanleiding van de Wakkere Wegwerpers campagne een motie ingediend die op 25 februari 2021 is aangenomen door de Tweede Kamer. In de motie wordt de regering verzocht om zich maximaal in te spannen zodat in 2025 het afval op alle scholen in het primair onderwijs gescheiden wordt ingeleverd en verwerkt, met aparte stromen voor gft-afval, PMD en oud papier/karton. Dit rekening houdend met het vigerend systeem voor huishoudelijk afval zonder dat scholen hiervoor extra onderwijsgeld hoeven aan te spreken. De Kamer zal worden geïnformeerd over de voorgang.