Onkruidbestrijding

Onkruid op verharding is belangrijk voor de kwaliteit van de openbare ruimte en de beleving daarvan door de burger. Onkruidbestrijding is steeds vaker onderdeel van een integrale beheeraanpak. Zo wordt ingezien dat via maatregelen in ontwerp en inrichting onkruid kan worden voorkomen en is er een duidelijke relatie met bijvoorbeeld mechanische reiniging. Bovendien wordt regelmatig de koppeling gelegd tussen sociale doelstellingen uit de Participatiewet en het beheren van onkruid.

Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen op verhardingen is sinds april 2016 in Nederland verboden voor de professionele gebruiker. Sinds 1 november 2017 geldt dat ook voor onverharde terreinen. Het verbod heeft een grote impact gehad op de onkruidbestrijding in Nederland. Met name voor gemeenten en beheerders die eerder met chemische middelen het onkruid beheerden is het de uitdaging een nieuw evenwicht te zoeken in de inzet van thermische en mechanische methoden, de te realiseren kwaliteit en de kosten. In dit kader spreken we niet meer van onkruidbestrijding maar van onkruidbeheersing.

Op 7 december 2015 heeft een meerderheid van de Tweede Kamer ingestemd met het verbod op chemische gewasbeschermingsmiddelen. Het verbod op verhardingen is per 1 april 2016 ingegaan. Sinds 1 november 2017 geldt het verbod ook voor onverharde terreinen. Ondanks de Europese toelating van het middel glyfosaat is het gebruik ervan in Nederland voor de professional buiten de landbouw dus verboden.

Begin 2017 is een Green Deal Particulieren afgesloten met o.a. de tuinbranche. Het doel is om het chemische gewasbeschermingsmiddelengebruik van particulieren terug te dringen. Wanneer de Green Deal onvoldoende succesvol blijkt, wordt een verbod op particulier gebruik voorbereid. Aan een wettelijke grondslag hiervoor wordt nu gewerkt.

Door het verbod op chemische gewasbeschermingsmiddelen is de vraag naar alternatieve methoden gegroeid. De markt ontwikkelt snel en is ook bezig om de machines te verduurzamen zodat ze minder CO2 uitstoten en efficiënter werken.

Alle gemeenten en andere uitvoerders moeten zonder chemische gewasbeschermingsmiddelen onkruid beheren, de landbouw uitgezonderd. 

Onkruidbeheer zonder chemische middelen is minder effectief en vergt een andere aanpak. Dit betekent op de korte termijn dat de kosten kunnen stijgen (verdubbeling of verdriedubbeling van het budget) of dat, zeker in perioden van sterke onkruidgroei, onkruidbeheer van mindere kwaliteit is. Ook zal er meer aandacht komen voor preventieve maatregelen door aanpassingen in de inrichting van de openbare ruimte (minder paaltjes, andere voegen etc.).

Bij een slimme aanpak, een gecombineerde inzet van methoden en preventief beleid op het voorkomen van onkruid kunnen de kosten en de beeldkwaliteit op termijn echter zeker beheersbaar blijven. Wel is er aandacht nodig voor de effecten op langere termijn als gevolg van groeiende wortelpakketten.

Gemeenten, beheerders en gebruikers zullen toe moeten werken naar een nieuw evenwicht, en zeker in de eerste jaren na het verbod moeten accepteren dat het nieuwe onkruidbeheer wat tijd nodig heeft. Goede communicatie naar de burger kan daar zeker bij helpen. Hiervan zijn enkele goede voorbeelden beschikbaar.

Op www.schoon-water.nl/forum kunt u van anderen leren hoe u onkruidbeheer slim kunt organiseren.

De NVRD onderschrijft het beleid om onkruidbestrijding te verduurzamen maar vraagt wel blijvend aandacht voor de praktische en financiële gevolgen van het verbod voor gemeenten en hun reinigingsbedrijven.

De NVRD zal de gevolgen van de transitie naar chemievrij onkruidbeheer blijven volgen en zich blijven inzetten om het onkruidbeheer verder te professionaliseren door kennis te ontwikkelen en het delen van kennis en ervaring onder haar leden te bevorderen.

De NVRD is medeorganisator van bijeenkomsten over niet-chemische onkruidbestrijding op verhardingen (eind 2016 en begin 2017) en niet-verhardingen (eind 2017).

Ook heeft de NVRD het initiatief genomen voor een benchmark onkruidbeheer. De benchmark maakt de gemeentelijke doelstellingen, resultaten en kosten op dit gebied inzichtelijk en biedt gemeenten en publieke bedrijven een platform om van elkaar te leren. Vanaf 2017 is onkruidbeheer onderdeel van de benchmark Schoon.

Het is voor de professionele gebruiker sinds april 2016 verboden chemische gewasbeschermingsmiddelen (bijv. tegen onkruid) op verhardingen buiten de landbouw te gebruiken. Sinds 1 november 2017 geldt dat ook voor onverharde terreinen.

Op verhardingen zijn er beperkte uitzonderingen. Dit betreffen:

  • Bepaalde niet openbaar toegankelijke industriële terreinen, delen van defensieterreinen en luchthavens
  • Spoor, metro- en tramwegen en weg- en waterbouwkundige constructies
  • Bestrijding van plagen zoals eikenprocessierups, Amerikaanse vogelkers en Japanse Duizendknoop
  • Siertuinen sport- en recreatieterreinen*

*Voor deze sectoren zijn Green Deals gesloten: sectoren streven naar chemievrij beheer per 2020 en hebben daarover afspraken vastgelegd.

Daarnaast is een lijst gepubliceerd van planten en insecten die gericht mogen worden bestreden met gewasbeschermingsmiddelen wanneer dit noodzakelijk is voor de bescherming van de gezondheid van mens, dier of milieu. Regelmatig komt in het nieuws dat Europa bezig is met het beoordelen van gewasbeschermingsmiddelen. Een gewasbeschermingsmiddel mag in Nederland alleen worden gebruikt, als drie ‘toetsen’ allen positief uitvallen: 

  • Het gebruik van de werkzame stof (in dit geval glyfosaat) moet door Brussel zijn goedgekeurd; 
  • Het gewasbeschermingsmiddel moet tot de Nederlandse markt zijn toegelaten door het Ctgb;
  • Het gebruik is toegestaan op grond van milieuregelgeving.

Die eerste twee vallen positief uit, de derde niet. Dus is gebruik niet toegestaan. Oftewel: ondanks het feit dat Europa glyfosaat goedkeurt en het tot de Nederlandse markt is toegelaten, mag het middel niet worden gebruikt in Nederland omdat het gebruik niet is toegestaan op grond van de milieuwetgeving. Ook lage risicomiddelen en zout (gladheidbestrijdingsmiddelen) vallen onder het verbod.

Meer informatie:


Voorgeschiedenis
Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen lag al lange tijd gevoelig. De gemakkelijkste en goedkoopste manier van onkruidbestrijding is het spuiten met onkruidbestrijdingsmiddelen. Nadeel is dat deze afspoelen naar het oppervlaktewater. Dat is de reden dat er sinds september 2011 wordt gesproken over het verbieden van chemische middelen. Tweede Kamerlid Grashoff heeft toen een motie ingediend voor een verbod op glyfosaathoudende middelen voor niet-commerciële doeleinden. De motie is aangenomen en er werd aangestuurd op een verbod per 2018.

In het kader van deze motie heeft de staatssecretaris van I&M in 2012 opdracht gegeven voor een onderzoek naar de technische en financiële haalbaarheid van een verbod (Inventarisatie onkruidbestrijding op verharding). Op 15 mei 2013 is de Tweede Nota duurzame gewasbescherming ‘Gezonde groei, duurzame oogst’ naar de Kamer gestuurd. Op basis van de bespreking van deze nota heeft de staatssecretaris voorgesteld om het verbod op het professioneel gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen op verhardingen te vervroegen van 2018 naar 2015. Dit heeft de staatssecretaris aan de Kamer meegedeeld in een brief op 3 september 2013.

Op 6 februari 2014 heeft de Landsadvocaat een advies uitgebracht aangaande de juridische houdbaarheid en proportionaliteit van het generieke verbod dat onderbouwd moet worden voor alle middelen die het aangaat. Op 20 februari 2014 is door kamerlid Van Tongeren in de Tweede Kamer een motie (Tweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, 27 858, nr. 239) ingediend en aangenomen waarin zij de regering verzoekt om alleen uitzonderingen op het verbod van chemische bestrijdingsmiddelen toe te staan die voldoen aan de criteria Goud en Zilver van de Barometer Duurzaam Terreinbeheer (BDT) van Stichting Milieukeur.

In een brief van 22 april 2015 heeft de staatssecretaris de aangekondigde gebruiksverboden op verhardingen bevestigd. Het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen voor het bestrijden van onkruid op verhardingen werd met ingang van het groeiseizoen 2016 verboden. Voor overige niet verharde terreinen buiten de landbouw geldt een gebruiksverbod per november 2017 waarbij voor sportvelden en recreatieterreinen een uitzondering wordt gemaakt. Ook voor het particulier gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op verhardingen geldt sinds begin 2016 een gebruiksverbod. Bovenstaande gebruiksverboden worden vormgegeven door een aanpassing van het besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Op reactie op de motie Jacobi heeft de staatssecretaris op 1 juli aangegeven dat het gebruik van alle middelen, inclusief laag risicomiddelen, verboden worden. Omdat binnen de Europese Unie nog wordt gewerkt aan criteria voor deze stoffen zou dat tot een ongewenst slingereffect kunnen leiden. Het ontwerpbesluit is op 4 september 2015 in de commissie EZ van de Tweede Kamer behandeld en er is uiteindelijk op maandag 7 december 2015 over besloten waarbij een meerderheid voor verbod was. Het verbod is per 1 april 2016 ingegaan.

Nieuwsberichten:

https://www.nvrd.nl/nieuwsberichten/2017/openbaar/presentaties-werksessies-chemievrij-onkruidbeheer-beschikbaar

https://www.nvrd.nl/gram/2017/openbaar/artikelen/van-onkruidbestrijding-naar-onkruidbeheersing